Handbiker Tim De Vries zet alles op alles om top te zijn op WK in Emmen

29 augustus 2019

PERSBERICHT – De wereldkampioenschappen in Emmen zijn hét belangrijkste moment van het jaar voor paralympisch handbiker Tim de Vries. De 41-jarige Vinkevener wil in Drenthe zijn regenboogtrui van vorig jaar met succes verdedigen. De Vries zegt: “Natuurlijk draait het om wereldtitels en de WK zijn ook heel belangrijk voor kwalificatie voor de Paralympische Spelen van volgend jaar.”

De Vries rijdt in Emmen de tijdrit (13 september) en de wegwedstrijd (15 september) in de H5-handicapklasse. “Vooral de wereldtitel in de tijdrit staat hoog op mijn verlanglijstje”, blikt hij vooruit. “De afgelopen twee jaar pakte ik op minder dan 5 seconden achter de winnaar het zilver; nu moet het kwartje eens mijn kant op vallen. Een tijdrit rij je helemaal op eigen kracht, je kunt niet tactisch winnen. Daarom vind ik het ook de mooiste discipline. Wat het belangrijkst is in de tijdrit? Bij mezelf blijven en puur focussen op de prestatie. Soms vergeet ik dat nog wel eens en doe ik teveel, ga ik in het begin al te hard. Ik ken het parcours in Emmen, heb de race in mijn hoofd al helemaal ingedeeld en daar moet ik me aan houden.”
 
Juiste moment
Sleutelwoord in de wegwedstrijd (67 kilometer) is geduld. “Het parcours in Emmen is vlak, dus kan ik het verschil niet in beklimmingen maken”, legt De Vries uit. “Absolute kracht gaat de doorslag geven. Ik ga niet zelf het initiatief nemen, moet wachten op het juiste moment. Dat kan zijn mee springen met een goede groep, of wachten tot de eindsprint. Vooraf ga ik met landgenoten Johan Reekers, Mitch Valize en bondscoach Floris Goesinnen zeker een plan maken hoe we kunnen profiteren van elkaar. Op een WK in eigen land willen we ons natuurlijk van voren laten zien, maar dan gaat het niet om ‘de koers leuk maken’. Het gaat om medailles.”
 
Belangrijk WK
De gewezen top-trampolinespringer ziet de WK in Emmen als mooie opmaat naar de Paralympische Spelen in Tokio. Daar is het langetermijndoel voor de gewezen top-trampolinespringer. Na een sportongeluk in 1997, waarna zijn linkeronderbeen geamputeerd moest worden, hervond De Vries zijn sportgeluk in het handbiken. De laatste jaren draait hij in de wereldtop mee, met twee wereldtitels als hoogtepunten. “Natuurlijk is iedereen nu al bezig met volgend jaar. In Tokio zijn de mooiste en belangrijkste medailles te winnen”, erkent De Vries. “Maar de WK zijn zeker geen tussendoortje. Het is een ontzettend belangrijk toernooi, waar niet alleen regenboogtruien, maar ook veel kwalificatiepunten voor Tokio zijn te verdienen. Ik benader het heel serieus, zoals elke wedstrijd.”
 
Hoogtetent
Fysiek is de Noord-Hollander er naar eigen zeggen klaar voor. “Ik verblijf de laatste weken zo’n twaalf uur per dag in een hoogtetent. Zo boots ik slapen en leven op hoogte na, wat me in de races een voorsprong moet geven”, vertelt De Vries. “Ook qua materiaal zoek ik het maximale. En dat gaat niet altijd crescendo; dat gaat niet altijd in één keer goed.” De WK in Emmen zal hij rijden in zijn ‘oude’ handbike. Hij legt uit: “Dat is mijn bike van vorig seizoen. Ik ben het jaar begonnen met een splinternieuwe handbike, maar we hebben de positie waarin ik op de bike zit, nog niet perfect gekregen. En de WK zijn net even te belangrijk om het als testwedstrijd te zien. Daarom rij ik met mijn bike van vorig seizoen, waarvan ik zeker weet dat de positie goed is.”
 
Tokio 2020
Het betekent overigens geen definitief afscheid van de 2019-versie. “Zeker niet”, benadrukt De Vries. “Dat moet nog steeds de handbike worden waarmee ik volgend jaar in Tokio op de Paralympische Spelen ga rijden. Na de WK ga ik met mijn handbikebouwer Remie Fiege en de RZ Groep in Cothen aan de slag om mijn nieuwe bike helemaal goed te krijgen. Zodra dat gelukt is, is het de allerbeste bike die ik ooit heb gehad. Ik heb er alle vertrouwen in dat dat gaat lukken.”

Tekst: Robin Wubben/ParaWatcher.